Voor wie geldt dit

De wettelijke vakantie geldt voor iedereen met een arbeidsovereenkomst.

U hoeft geen wettelijke vakantie te geven aan echte zelfstandigen en freelancers, aan statutaire ambtenaren, of aan studentenarbeid binnen het quotum met solidariteitsbijdrage · dat loon bouwt geen vakantierechten op.

Hoeveel dagen moet u geven

WerknemerWettelijke vakantie per jaarBasis
Voltijds, vijfdagenweek, volledig vorig jaar gewerkt20 werkdagen4 weken in het eigen regime
Voltijds, zesdagenweek24 werkdagen4 weken in het eigen regime
Deeltijdspro ratanaar het rooster van vorig jaar
Jonger dan 18 jaarzelfde aantal dagendrie weken aaneensluitend zomerblok

Er is geen wettelijke verhoging voor leeftijd of anciënniteit; extra dagen bestaan alleen waar een sectorale cao ze toekent.

Deeltijd en starters

Deeltijders bouwen proportioneel op: wie vorig jaar drie dagen per week werkte, heeft dit jaar ongeveer 12 dagen (drie vijfden van 20). Omdat vakantie in het jaar ervoor wordt opgebouwd, heeft een starter het eerste jaar weinig of geen wettelijke dagen. De oplossing is de aanvullende vakantie (Europese vakantie), en voor jonge of oudere starters de jeugd- of seniorvakantie · hoe die werken, staat onder wat de wet zegt.

Grenzen en planning

Feestdagen en extra vakantie

België heeft 10 wettelijke feestdagen, overal dezelfde, en die komen bovenop de 20 vakantiedagen. Valt een feestdag op een zondag of op een dag waarop uw onderneming gesloten is, dan geeft u een vervangingsdag op een gewone werkdag in hetzelfde jaar; in 2026 geldt dat voor 15 augustus (een zaterdag) en 1 november (een zondag). Boven het minimum mag u altijd meer geven, en veel sectorale cao's doen dat · kijk uw paritair comité na.

Zie per medewerker de opgenomen en resterende dagen

Book Time Off houdt het saldo van elke medewerker automatisch bij en toont in kalender en wandkalender wie wanneer vrij is. De Belgische wettelijke feestdagen zitten al ingebouwd, dus u hoeft niets handmatig te laden.

Start gratis proefperiode
1 € per gebruiker / maand · 30 dagen gratis · Geen creditcard nodig
Teamoverzicht verlof mei 2026
ma
di
wo
do
vr
za
zo
11
12
13
14
15
16
17
WOWout20 d
FD
EMEmma24 d
FD
LALars20 d
FD
MAMarie22 d
FD

Wat de wet zegt

Dit is de kern van de Belgische regeling voor wie meer wil dan de titel: de opbouw, de planning, het vakantiegeld en de recente wijzigingen.

Wettelijke basis

De jaarlijkse vakantie van werknemers in de privésector wordt geregeld door de gecoördineerde wetten van 28 juni 1971 betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers en door het koninklijk besluit van 30 maart 1967 dat de algemene uitvoeringsregels vastlegt. De wettelijke feestdagen worden apart geregeld door de wet van 4 januari 1974. De regeling wordt beheerd door de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg (FOD WASO) en, voor het vakantiegeld van arbeiders, door de Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie (RJV) en zijn sectorale vakantiefondsen.

Eenheid en opbouw

Het recht bedraagt vier weken in het eigen regime van de werknemer: 20 dagen bij een vijfdagenweek, 24 bij een zesdagenweek, volledig opgebouwd door werk (en gelijkgestelde periodes) in het vorige kalenderjaar, het vakantiedienstjaar. Voor bedienden wordt het recht per gewerkte maand van vorig jaar berekend (ongeveer 1,67 dag per maand in een vijfdagenregime; formeel 2 dagen per maand in een zesdagenregime, omgerekend). Voor arbeiders berekent de RJV het recht op basis van de dagen die vorig jaar effectief werden gewerkt en gelijkgesteld (231 dagen of meer in een vijfdagenregime geeft de volledige 20). Gelijkgestelde periodes zijn onder meer ziekte, arbeidsongevallen en moederschapsrust, zodat de vakantie tijdens de meeste beschermde afwezigheden blijft opbouwen. Verandert het rooster van een deeltijder tussen het opbouwjaar en het vakantiejaar, dan wordt het recht omgezet naar het nieuwe regime en worden dagen die er niet meer in passen uitbetaald.

Planning

De data worden collectief vastgelegd (paritair comité, ondernemingsraad, vakbondsafvaardiging, arbeidsreglement of collectieve sluiting) of individueel in overleg; geen van beide partijen kan de data eenzijdig opleggen. Het koninklijk besluit van 30 maart 1967 vereist een aaneensluitende periode van twee weken tussen 1 mei en 31 oktober tenzij de werknemer anders vraagt, drie weken voor wie op het einde van het opbouwjaar jonger is dan 18 jaar, en in alle gevallen één ononderbroken week; werknemers met schoolgaande kinderen krijgen voorrang voor de schoolvakanties. Opsplitsen in halve dagen kan enkel in beperkte gevallen (aansluitend op gewone rustdagen, of bij het opsplitsen van drie dagen van de vierde week).

Feestdagen

De 10 wettelijke feestdagen staan los van de jaarlijkse vakantie en komen er bovenop. Gemeenschapsfeestdagen (zoals 11 juli in Vlaanderen) zijn in de privésector geen wettelijke feestdagen tenzij een cao ze toevoegt. Valt een feestdag tijdens een geboekte vakantie, dan wordt hij als feestdag betaald en niet van de vakantie afgetrokken. Valt hij op een zondag of op een gewone sluitingsdag van de onderneming, dan legt u een vervangingsdag vast op een gewone werkdag in hetzelfde jaar, uit te hangen in de onderneming tegen 15 december van het jaar ervoor. Wat een sectorale cao of uw arbeidsreglement boven de wettelijke 20 dagen toevoegt (anciënniteitsdagen, arbeidsduurvermindering, buitenwettelijke dagen), wordt bindend.

Vakantiegeld

België betaalt vakantie dubbel: het enkel vakantiegeld (het gewone loon voor de opgenomen dagen) en het dubbel vakantiegeld (een supplement voor de hoofdvakantie). Voor bedienden betaalt u beide zelf; het dubbel vakantiegeld bedraagt 92% van het bruto maandloon voor een volledig recht, meestal betaald in mei of juni. Voor arbeiders betaalt u de RSZ-bijdragen en betaalt de RJV of een sectoraal vakantiefonds de werknemer 15,38% van het bruto loon van vorig jaar aan 108% (8% enkel plus 7,38% dubbel), doorgaans tussen mei en juni. Het juist berekenen van het vakantiegeld is werk voor uw sociaal secretariaat; voor de planning telt vooral dat het geld en de dagen twee aparte wettelijke verplichtingen zijn.

Overdracht, verval en de wijzigingen van 2024

De wettelijke vakantie moet worden toegekend binnen de 12 maanden na het einde van het opbouwjaar, dus tegen 31 december van het vakantiejaar; vroeger vervielen niet-opgenomen dagen gewoon (met gevolgen voor het loon als de werkgever het opnemen verhinderde). Het koninklijk besluit van 8 februari 2023 (Belgisch Staatsblad, 16 maart 2023) en de wet van 17 juli 2023 (Belgisch Staatsblad, 31 juli 2023) veranderden dit vanaf 1 januari 2024, om België in lijn te brengen met de Europese rechtspraak: dagen die niet konden worden opgenomen door een gekwalificeerde schorsing (ziekte, moederschapsrust, arbeidsongeval, adoptieverlof en dergelijke) worden nu tot 24 maanden na het vakantiejaar overgedragen, met het loon voor die dagen afgerekend in het oorspronkelijke jaar; en een werknemer die ziek wordt tijdens zijn vakantie kan die dagen omzetten in ziekteverlof en de vakantie later opnemen, op voorwaarde dat hij zijn verblijfadres meedeelt als hij niet thuis is, vanaf de eerste dag een medisch attest bezorgt en de overdracht uiterlijk bij het indienen van het attest vraagt.

Einde van de arbeidsovereenkomst

Wanneer een bediende vertrekt, betaalt u vertrekvakantiegeld van 7,67% enkel plus 7,67% dubbel (samen 15,34%) op het relevante loon, voor zowel de niet-opgenomen dagen van dit jaar als de rechten die dit jaar al voor volgend jaar werden opgebouwd; de volgende werkgever verrekent dat vervolgens. Voor arbeiders lopen de rechten via het vakantiefonds en vereffent u bij vertrek niets.

Starters en aanvullen

Door het systeem van het vakantiedienstjaar hebben nieuwe werknemers onvolledige rechten. Er bestaan drie wettelijke oplossingen. De aanvullende vakantie (Europese vakantie): na een aanloop van drie maanden in hetzelfde kalenderjaar, aaneensluitend of niet, tot vier weken min de al opgebouwde dagen, door de werkgever betaald als een voorschot dat wordt teruggenomen van het volgende dubbel vakantiegeld en optioneel voor de werknemer. De jeugdvakantie (jonger dan 25 op 31 december van het opbouwjaar, het jaar waarin de studies eindigden, met minstens één maand en ongeveer 13 dagen of 70 uur werk dat jaar) en de seniorvakantie (50 jaar op 31 december van het opbouwjaar, met onvolledige rechten door werkloosheid of invaliditeit dat jaar) vullen beide aan tot vier weken met een RVA-uitkering van 65% van het begrensde dagloon, zonder rechtstreekse kosten voor de werkgever.

Veelgestelde vragen

Hoeveel wettelijke vakantiedagen moet ik een voltijdse werknemer geven?

Een voltijdse werknemer in een vijfdagenweek die het hele vorige jaar werkte, heeft recht op minstens 20 wettelijke vakantiedagen (24 dagen bij een zesdagenweek). De vakantie wordt opgebouwd in het vakantiedienstjaar, het jaar vóór het jaar waarin ze wordt opgenomen.

Krijgt een deeltijdse werknemer minder vakantiedagen?

Een deeltijdse werknemer bouwt vakantie pro rata op, volgens het rooster van vorig jaar en uitgedrukt in zijn eigen dagen. Iemand die het hele vorige jaar halftijds werkte, heeft dit jaar ongeveer de helft van een voltijds recht.

Waarom heeft een nieuwe medewerker soms weinig of geen vakantiedagen?

België werkt met het vakantiedienstjaar: de vakantie van dit jaar is opgebouwd door het werk van vorig jaar, dus een starter heeft in het begin weinig of geen wettelijke dagen. Na drie maanden werk in hetzelfde kalenderjaar kan hij via de aanvullende vakantie (Europese vakantie) aanvullen tot vier weken; u betaalt die dagen als voorschot dat later met zijn dubbel vakantiegeld wordt verrekend.

Tellen de wettelijke feestdagen mee als vakantiedagen?

Nee. België heeft 10 wettelijke feestdagen en die staan los van de jaarlijkse vakantie. Valt een feestdag op een zondag of op een gewone rustdag, dan moet u een vervangingsdag geven op een normale werkdag in hetzelfde jaar.

Wanneer vervallen niet-opgenomen vakantiedagen?

Wettelijke vakantie moet in principe worden opgenomen vóór 31 december van het vakantiejaar. Sinds 1 januari 2024 kunnen dagen die de werknemer door ziekte, moederschapsrust, een arbeidsongeval of een gelijkgestelde schorsing niet kon opnemen, tot 24 maanden na het vakantiejaar worden overgedragen.

Moet ik niet-opgenomen vakantie uitbetalen als een werknemer vertrekt?

Voor bedienden betaalt u bij uitdiensttreding vertrekvakantiegeld op de niet-opgenomen dagen en op de rechten die dit jaar al werden opgebouwd; de volgende werkgever verrekent dat. Voor arbeiders regelt het vakantiefonds de uitbetaling, dus u vereffent bij vertrek niets.

Bronnen

Beheer verlof zonder e-mailkettingen en giswerk

Medewerkers vragen verlof aan vanaf hun telefoon, u keurt goed met één tik, en de teamkalender toont overlappingen voordat ze een probleem worden. Wilt u het strak houden, dan begrenst u per afdeling hoeveel mensen tegelijk afwezig mogen zijn.

Start gratis proefperiode
1 € per gebruiker / maand · 30 dagen gratis · Geen creditcard nodig
Teamoverzicht verlof mei 2026
ma
di
wo
do
vr
za
zo
11
12
13
14
15
16
17
WOWout20 d
FD
EMEmma24 d
FD
LALars20 d
FD
MAMarie22 d
FD
i
Dit is geen juridisch advies
Dit is algemene informatie, geen juridisch advies. Neem voor een concrete situatie contact op met uw sociaal secretariaat, een arbeidsrechtadvocaat of de FOD Werkgelegenheid. Laatst gecontroleerd: augustus 2026.